Mag mijn kind muziek downloaden via het internet?
Muziek (of eender welke andere soort gegevens) moet gedigitaliseerd zijn om
over het internet te kunnen worden verzonden. Nu staat muziek al in een
gedigitaliseerde vorm op de alledaagse audio-CDs, maar in deze vorm zijn de
nummers nogal omvangrijk, wat ze ongeschikt maakt voor transport via het
internet. Het is dus nodig ze eerst wat te reduceren tot een bescheidener
formaat.
Hiervoor bestaan er verschillende methodes (zogenaamde compressie-algoritmen),
maar de bekendste hiervan is ongetwijfeld het MP3-formaat. Hiermee kunnen
muzieknummers gereduceerd worden tot bestanden die meer dan tienmaal kleiner
zijn dan de oorspronkelijke CD-nummers, zonder merkbaar kwaliteitsverlies.
Het zijn deze compacte MP3-bestanden die het leeuwendeel uitmaken van de
uitgewisselde muziekbestanden op het internet.
De uitwisseling van muziekbestanden is in feite niet moeilijker dan de uitwisseling van enig ander bestand, en kan dus ook op precies dezelfde manier verlopen. We bespreken hier de meest gangbare manieren.
Filesharing software (ook bekend als peer-to-peer software) is een algemene
benaming voor allerlei soorten programma’s die de gebruikers toelaten onderling
bestanden uit te wisselen. De bekendste voorbeelden op dit gebied zijn momenteel
programma’s als Kazaa of Morpheus, in navolging
van pionier Napster.
Hoewel het bij nagenoeg al deze programma’s mogelijk is om eender welk soort
gegevens uit te wisselen, blijken de gebruikers ervan vooral geďnteresseerd te
zijn in muziek-en filmbestanden. Hierbij stelt er zich natuurlijk het probleem
dat de meeste van deze werken beschermd worden door het auteursrecht.
Het juridische statuut van deze programma’s is betwistbaar, zoals ook blijkt uit een hele reeks processen die (voornamelijk in de Verenigde Staten) tegen de makers ervan werden aangespannen, met sterk uiteenlopende eindbeslissingen. Die onzekerheid is een gevolg van hun opzet: het uitwisselen van informatie (inclusief van muziek) is zeker niet in alle gevallen verboden, en de makers voeren dan ook vaak als argument aan dat het hen niet aangewreven kan worden als gebruikers misbruik maken van de mogelijkheden van hun software. De auteursrechtelijke verenigingen beklemtonen daarentegen dat, ongeacht de bedoelingen van de makers, deze programma’s de facto vooral gebruikt worden voor inbreuken op het auteursrecht.
Voor een privé-gebruiker is dit echter een discussie die zich grotendeels boven zijn hoofd afspeelt, en weinig praktische gevolgen heeft. Naar Belgisch recht is het bezit van dergelijke software door geen enkele bepaling verboden, en is het installeren ervan op de eigen pc dus legaal. Er kunnen zich enkel juridische problemen stellen door het gebruik dat gemaakt wordt van de software.
Een eerste reflex die men als ouder zou kunnen hebben is
onmiddellijk over te gaan tot controle van de pc. Het is immers erg eenvoudig op
zoek te gaan naar muziekbestanden, na te zoeken welke websites uw kind heeft
bekeken, welke chatrooms hij of zij heeft bezocht, enzovoorts. Bij filesharing
software is zoeken vaak niet eens nodig: de programma’s doen vaak zelf hun best
om op te vallen, aangezien ze slechts goed kunnen functioneren met een groot
aantal actieve gebruikers die hun bestanden willen delen. Daarom starten ze
zichzelf meestal automatisch op wanneer de computer aangeschakeld wordt, wat
vaak merkbaar is via een opzichtig logoscherm dat enkele seconden verschijnt bij
het aanzetten van de pc, en een klein icoontje onderaan het scherm dat de
activiteit van het programma aangeeft. Deze programma’s vallen dus meestal op
zonder op onderzoek uit te gaan.
Een dergelijke toevallige vaststelling kan men natuurlijk moeilijk als foutief
bestempelen, maar we wensen wel te waarschuwen tegen al te grondig zoekwerk.
Niet zozeer omwille van juridische redenen (hoewel daar ook iets over gezegd zou
kunnen worden), maar omwille van het pedagogische belang. Als u uit bezorgdheid
voor uw kind ertoe overgaat zijn of haar doen en laten op het internet te
controleren zonder dat hij of zij daar weet van heeft, dan kan uw kind dit
ervaren als een gebrek aan vertrouwen van uw kant. Mogelijk concludeert uw kind
dat u bewust en uit nieuwsgierigheid zijn of haar privacy geschonden hebt, en
dat u niet vertrouwd kan worden met details over online activiteiten. Het
spreekt voor zich dat dit allesbehalve het gewenste resultaat is.
Als u wil weten waarmee uw kind zich bezig houdt op het internet, dan is het
beter hierover rechtstreeks een persoonlijk gesprek aan te knopen, en ervoor te
zorgen dat uw kind er zich van bewust is waarom u dit bezighoudt. Wanneer uw
kind begrijpt dat uw vragen niet voortkomen uit louter nieuwsgierigheid of
wantrouwen, maar uit een oprechte bezorgdheid over zijn of haar welzijn, dan zal
uw kind sneller geneigd zijn u in vertrouwen te nemen wanneer er zich inderdaad
problemen stellen. Dit is natuurlijk niet enkel (en zelfs niet hoofdzakelijk)
van belang in de context van muziekuitwisseling, maar betreft het
internetgebruik door minderjarigen in het algemeen. Er is immers genoeg
materiaal beschikbaar op het internet dat niet geschikt is voor al te jonge
bezoekers, en het is mede de verantwoordelijkheid van de ouders om hun kinderen
te begeleiden bij deze confrontatie. Het onderhouden van een sfeer van
vertrouwen en begrip is hier essentieel.
Zonder in al te groot detail op de auteursrechtelijke aspecten
in te gaan, willen we hier toch even kort schetsen wat er mag en niet mag
aangaande muziek op het internet.
Ruwweg geschetst moet men een onderscheid maken tussen het beschikbaar stellen
voor anderen van muziek in uw bezit, en het downloaden van muziek.
Het beschikbaar stellen van muziek in uw bezit is in principe verboden, tenzij u
de toestemming heeft van de auteur of zijn uitgever. Juridisch bestempelt men
dit namelijk als een ‘mededeling aan het publiek’, en dit is een recht dat de
Belgische Auteurswet voorbehouden heeft voor de auteur of zijn uitgever. Het
feit dat het eventueel zou gaan om een CD die u legaal gekocht heeft verandert
hier niets aan.
De meeste vormen van distributie op het internet vallen hieronder. Hierboven
hebben we al de voorbeelden aangehaald van het plaatsen van een muziekstuk op
een website of in een nieuwsgroep, of het toelaten aan bezoekers van een
chatroom om muziek van de eigen computer te downloaden. Ook het delen van muziek
via file sharing software valt in deze categorie; dergelijke muziek is immers
vrij beschikbaar voor het grote publiek. Dit is meteen ook de reden dat
auteursrechtelijke verenigingen tegenwoordig voornamelijk optreden tegen
gebruikers die een groot aantal muzieknummers beschikbaar stellen. Dergelijk
gedrag valt namelijk onder het misdrijf van namaking, en kan dan ook
strafrechtelijk vervolgd worden.
Voor het downloaden van muziek geldt in principe hetzelfde. Juridisch komt dit
namelijk neer op een zogenaamde reproductie, en ook dit recht is voorbehouden
aan de auteur of zijn uitgever. Soms wordt in dit verband onterecht een beroep
gedaan op de uitzonderingsbepaling van de zogenaamde thuiskopie. Kopiëren wordt
hierdoor voor geluids – en audiovisuele werken toegelaten als de kopie – van een
rechtmatig verkregen werk - in de eigen familiekring gemaakt wordt, en enkel
bestemd is voor gebruik in deze familiekring. Aangezien de uitzondering van de
private kopie alleen geldt voor kopieën die genomen worden van rechtmatig
medegedeelde werken, kan de gebruiker van een peer-to-peer netwerk zich niet
beroepen op deze regel.
Ook wie via file sharing software muziek download maakt zich dus schuldig aan
namaking, en kan vervolgd worden.
De wettelijke sanctionering voor namaking is vrij streng, omdat zij ook moet
toelaten industriële piraterij te sanctioneren. Daarom is de strafmaat een boete
van 500 tot 500.000 EUR en/of een gevangenisstraf van 3 maanden tot 2 jaar. Bij
de bestraffing van particuliere (niet-commerciële) muziekuitwisseling worden de
maximumstraffen natuurlijk nooit opgelegd, maar men moet er wel rekening mee
houden dat de artiest (die in rechtszaken meestal vertegenwoordigd wordt door
een auteursrechtelijke beheersvennootschap) eveneens recht heeft op een
schadevergoeding, en dat deze hoog kan oplopen.
Praktische fiche opgesteld door ICRI, gecoördineerd door Hans Graux.