Wet tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens
8 december 1992 (B.S. 18 maart 1993)

Te onthouden:
De wet tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens van 8 december 1992 (verder: W.V.P.) is één van de belangrijkste Belgische wetten die de privacy van de burger beschermt. Het doel ervan wordt vastgelegd in art.2: "Iedere natuurlijke persoon heeft in verband met de verwerking van persoonsgegevens die op hem betrekking hebben, recht op bescherming van zijn fundamentele rechten en vrijheden, inzonderheid op bescherming van zijn persoonlijke levenssfeer".

De W.V.P. voorziet hiervoor in een zeer uitgebreide en zeer gedetailleerde regeling met betrekking tot de gegevens die al dan niet voor verwerking in aanmerking komen, over de plichten van de verantwoordelijken voor de verwerking, en de rechten van de betrokkenen. De meeste artikelen zijn geformuleerd als een principiële regel, gevolgd door een uitgebreide reeks uitzonderingen. De wet is daardoor niet erg vlot leesbaar, en het voornaamste oogmerk van deze uiteenzetting is dan ook een duidelijk overzicht te geven van de principes die aan de basis liggen van de W.V.P.

Sleutelbegrippen: Privacybescherming – Persoonsgegevens – Verwerking – Rechten van de betrokkene – Basisprincipes bij verwerking – Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer

Inhoudsopgave van de bespreking:

A. Inleiding B. Wat is verwerking van persoonsgegevens C. Principes van de verwerking D. Verboden verwerkingen E. Rechten van de betrokkene F. Doorgifte van gegevens buiten de Europese Gemeenschap G. Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer H. Handhaving I. Om meer te weten

Samenvatting opgesteld door ICRI, gecoördineerd door Hans Graux.